Zorg

Visietekst 'Gelijke onderwijskansenbeleid'
GVBS Zeveren / Vinkt

Conform het decreet BaO willen we "op onze school", via ons zorg- en gelijkeonderwijskansenbeleid, werken aan de optimale leer- en ontwikkelingskansen van AL onze leerlingen (ART. 47, punt 5)

Hoe wij in onze school willen werken aan gelijke kansen voor elk kind vinden we terug in ons schooleigen opvoedingsproject. Daar lezen we :

Vanuit ons christelijk geïnspireerd mensbeeld geven we voorrang aan waarden als :
- het unieke van ieder mensenkind
- respect voor alle mensen zonder onderscheid, vooral voor de zwakke

- verbondenheid en solidariteit met anderen
- zorgzame nabijheid en troost voor mensen in moeilijke situaties

We hebben een optimistische visie op de ontwikkeling van kinderen. We geloven in de groeikansen van kinderen en dat ze ondanks hun grenzen, hun beperkingen, hun onmogelijkheden toch kansen hebben en begeleid worden in hun groei. De pedagogie van het geduld.

Wij verbreden onze zorgen voor kinderen wiens ontwikkeling anders verloopt dan verwacht.

Op basis van de analyse die we gemaakt hebben, willen we in de komende jaren het gelijkekansenbeleid tospitsen op de pijlers :

1. Schriftelijke communicatie / brievenbeleid

  • In de themabrieven / weekbrieven / nieuwsbrieven maken we gebruik van eenvoudige, duidelijke woorden en zinnen. Een duidelijke lay-out wordt gehanteerd die steeds terug komt.
  • Het algemeen bord aan de schoolpoort en de web-site wordt  up - to - date gehouden.

 

2. Mondelinge communicatie

  • Een beurtsysteem is ingesteld waarbij alle leerkrachten geregeld aan de schoolpoort te zien zijn.
  • Het inschrijvingsgesprek / open klasdag / de info-avond wordt optimaal benut om een vertrouwensrelatie met de ouders op te bouwen.

 

3. Oudercontacten

  • Vanuit een grondhouding van respect en inleving nemen we tips en suggesties mee voor individuele oudercontacten, overigens voor gesprekken met alle ouders.

 

4. Werken in de klas / leerinhouden waarbij taal een rol speelt

  • We laten het onderwijs aansluiten bij concrete ervaringen : we zorgen voor concreet materiaal; bezoeken plannen in de buurt.
  • We leren nuttige zaken aan zodat 'leren' echt zin krijgt o.a. het fietsen oefenen enz.
  • We spelen in op herkenbare activiteiten uit de leefwereld van de kinderen : playback, timmeren, knutselen met wegwerpmateriaal,...
  • We zorgen voor afwisseling tussen fysieke en mentale inspanning en ontspanning
  • We betrekken kinderen meer actief bij het leerproces door variatie in werkvormen : zelfstandig werk, groepswerk, zelfevaluatie,... en ondersteunen ze hierbij.
  • We bouwen voldoende gradaties in zodat de angst om te falen kleiner wordt.
  • We blijven taal in de eerste plaats zien als een middel om contact te leggen : gebarentaal, lichaamstaal en dialectische woorden worden als aangrijpingspunten aanvaard.
  • Abstracte begrippen worden ondersteund met bijpassende beelden door prenten aan te brengen.
  • We geven veel kansen tot praten in kleine groepen.
  • We doen aan impliciete taalverbetering (zelf het correcte taalgebruik herhalen) hun belangstelling voor bepaalde onderwerpen benutten en aangrijpen voor taalstimulering.
  • Kinderen kunnen vertellen en verwoorden wat er met of aan hen gebeurt.
  • We bieden een rijk taalbad aan via verhalen, prentenboeken, liedjes, rijmpjes, uitspraakspelletjes, boekenkoffer, vertelkoffer, letterkoffer die ze aanspreken.
  • We proberen onbegrijpelijke taal te decoderen : actief luisteren naar wat kinderen willen meedelen, dit zelf omzetten in begrijpelijke taal en dan toetsen aan de kinderen of dit de boodschap was die ze wilden overbrengen.
  • We grijpen de lichaamstaal aan als vertrekpunt en helpen deze om te zetten in gesproken taal.
  • We differentiëren in het taalaanbod / rekenaanbod.
  • We houden rekening met het tempo, trager vertellen. We bevorderen de leescultuur door kinderen én ouders vertrouwd te maken met de bibliotheek, boeken uitlenen, voorlezen uit boeken en zo veel mogelijk de inhoud te concretiseren met prenten en door verbanden te leggen met eigen ervaringen bv. boekpromotie.

 

5. Risicomomenten gedurende een doorsnee klasdag

  • We zien vakantie-ervaringen ruimer dan enkel op reis gaan, we kijken niet neer op andere vormen van ontspanning.
  • We belasten de kinderen niet met onbetaalde rekeningen. Deze worden naar het thuisadres gestuurd of meegegeven in een gesloten omslag.
  • We leggen veel discretie aan de dag (bv. bij echtscheidingen, overlijdens,...)
  • Een spaarplan kan worden opgezet voor openluchtklassen , uitstappen,...
  • De betalingen worden geregeld via domiciliëring.
  • We werken samen met gespecialiseerde diensten (o.a. OCMW).
  • We laten de kinderen steeds kraantjeswater drinken uit een beker.
  • We leren kinderen delen.
  • Voor die kinderen 's ochtends niet gegeten of gedronken hebben, wordt het eet- en drankmoment vervroegd. Dit kan ook in de opvang.
  • Met de kinderen wordt besproken wat kan gespeeld worden tijdens de speeltijd (we bieden scenario's aan, we voorzien spelmomenten door materialen en activiteiten aan te bieden,er worden stimulerende tussenkomsten geboden).
  • We bieden kansen tot motorische ontlading (bv. looppiste rond het grasveld) of andere ontladingsmogelijkheden.
  • We observeren en bespreken het spelgedrag en het (zowel positief als negatief) sociaal gedrag van de kinderen.
  • We nemen tijd voor het onthalen van kinderen, individueel en in groep.
  • We stellen ons open voor ervaringen van de kinderen.
  • We geven prioriteit aan het werken aan het welbevinden vooraleer concentratie op leren te vragen.
  • We brengen afspraken geregeld in herinnering.

 

 

Werken aan gelijkeonderwijskansen voor ALLE kinderen (kansrijk of kansarm of kansanders) zien we als de hoofdopdracht in ons schoolbeleid. Hieraan werken willen we expliciet én geïntegreerd aanpakken met het ganse schoolteam, ieder vanuit eigen talenten en mogelijkheden.